...en Niklas "logeert" hier ook. (v/h dwarsbongel.web-log.nl en niklas.web-log.nl)

zondag 20 april 2014

Pasen, eten en fietsen, turf en geur

Vandaag is de Amstel Gold Race voor profwielrenners. Gisteren mochten 15.000 liefhebbers de toerversie doen, deels op hetzelfde parcours.

Ik heb grote delen van dat parcours zelf ook gefietst. Niet in georganiseerd verband, maar alleen, als vakantiebesteding. Ons Zuid-Limburg is voor fietsliefhebbers een kostelijke uitdaging. Ik ontmoette op een van mijn tochten een Belg bovenaan de Eyserbosweg, en dacht: zij hebben toch de Ardennen? Maar, zo legde hij uit, de hellingen zijn daar wel hoger en langer, in Zuid-Limburg zijn ze steiler.
Ik ben nog steeds trots dat ik de Keutenberg (22%) een aantal keren bedwongen heb, in 1994 en 1995. In de toerversie van de Amstel Gold zit hij niet.


Naar Limburg gaan kan nu niet, maar het leek gisteren mooi fietsweer, voor mij althans. Ik hou wel van een stevige wind, dat is een surrogaat voor klimmen. Door allerlei oorzaken had ik te lang niet gefietst, dus dat werd tijd.
De wind was oost 3 à 4, dus de globale richting van vertrek was duidelijk, en met mijn manier van route bepalen (hé, laat ik hier eens afslaan. o, dan kan ik daar langs. nee, toch maar daarlangs...) ga ik dan wel eens kris-kras op een doel af dat ik van tevoren niet wist.

Deze keer kwam ik Zuidbarge helemaal door, dan langs Oranjedorp naar Klazienaveen. (Het lijkt wel "Op fietse" van Skik / Daniël Lohues!)
In Weiteveen was ik blijkbaar anders gereden dan anders en kwam op een onbekend punt uit. Doodlopende weg? Dat zullen we dan nog wel eens even zien! Het ergste wat me kan overkomen, is dat ik dezelfde weg terug moet. Maar nee, via een fietspaadje door een natuurgebied kwam ik op een plek die ik half en half al in gedachten had gehad.

Daar kon ik weer kiezen. Ik koos niet voor Twist, maar voor het fietspad door het natuurgebied Bargerveen. Bij de uitkijktoren ging ik naar de Schöningsdorferstrasze tussen Twist en Schöningsdorf. Een "twist" in mijn brein liet me een brug oversteken waardoor ik op de Griendtsveenweg kwam: een straatnaam die zowel in Nederland als Duitsland voorkomt. Dat lijkt gekoppeld aan een vroeger familiebedrijf, Griendtsveen, dat vooral de ontginning van veen tot taak had. Daarna ontstaat "dalgrond", waarop landbouw wordt bedreven.

Ik was daar nog nooit geweest. Het was een slechte weg. "In the middle of nowhere" stonden er een paar boerenbedrijven. Het bleek een ontiegelijk eind rechtdoor te gaan, tot voorbij de Duitse autosnelweg A31. Op dat viaduct ben ik gedraaid en heb een paralelle "landweg" genomen in noordelijke richting. Waar het volgende viaduct over de A31 was, ging ik in westelijke richting, dus huiswaarts, met de wind in de rug.
Het was een goed geplaveide weg met een prima fietspad ernaast. Toen ik Schöningsdorf bereikte, herinnerde ik me hoe diezelfde straat was geweest toen ik er de laatste keer langs kwam, vele jaren geleden: een smal landweggetjes om zeeziek op te worden, zo golfde het!

Via Zwartemeer, Klazienaveen, langs de Bladderswijk en het Oranjekanaal kwam ik weer thuis, waar Marijke een appeltaart stond te maken. Dat was een heel andere geur dan onderweg, waar grote tractoren allerlei werkzaamheden uitvoerden. Zo zag ik een trekker met een 5-scharige kantelploeg, en ik dacht aan de enkelscharige ploeg met paard, waarmee ik de akkers van mijn oom heb geploegd.
Ik herinnerde me het met mestvorken verspreiden van stapeltjes stalmest (met stro) op de boerderij van een vriend, toen ik grote mestinjectors zag rijden, en de gier rook.
Die geur herinnerde me aan een gedicht over een fietstocht omstreeks Pasen, dat ik heb geschreven. Het thema van onze toenmalige dichtersgroep was: Eten.

Kringloop

Pasen is
voor mij
vanaf vandaag
onlosmakelijk verbonden
met de geur van gier
op maagdelijke landerijen.

Voedsel komt
voedsel gaat
ik fiets er langs
en eet mijn brood.

©Gauke Zijlstra, 1999

Dit gedicht staat in mijn bundel "Hoeveel vormen kent vuur"

Weer thuis stond mijn teller op 60,57 kilometer. Maar omdat ik pas in Zuidbarge ontdekte dat ik mijn fietscomputer nog niet ingeschakeld had, had ik meer gereden; controle van de ODO-mode leerde me dat ik ruim 64 km had gefietst. Google Maps gaf weer een andere afstand voor mijn fietstocht, maar er zitten een paar afwijkingen in door wat Google (niet) weet van fietsroutes...

donderdag 17 april 2014

Yvonne en het grapje

Wat een opwinding rond Yvonne Kroonenberg! En dat om een paar uitspraken die meer zeggen over haarzelf dan over de onderwerpen van haar dedain!
Laat ik ook even meedoen, alhoewel mijn energie een beter doel verdiende, maar ja, Yvonne's interview en het hele gedoe daarna wekken mijn lachlust.
Ze uit zich, zacht gezegd, laatdunkend over met name mensen in Amsterdam-Noord en Assen. Haar waarneming in de Action (blijkbaar gaat het niet zo goed met de verkoop van haar boeken...) in Assen betrekt ze gemakshalve maar op alle Drenten.

Dan schildert ze met een enkele pennestreek het verschil tussen haar en die Untermenschen: "Dan zit ik even later bij dat clubje in het Concertgebouw moeilijke dingen over Mahler te leren en dan denk ik, indachtig wat ik een paar uur daarvoor had gezien: iedereen noemt zich ook maar mens tegenwoordig."

Vervolgens schrikt ze zich de pleuris wat ze heeft aangericht voor haar verkoopcijfers, en roept dan gauw: "Het was maar een grapje".
Ja, en zij denkt dat die lezers, die ze weliswaar daarnet ruim heeft beladen met diskwalificaties, daar intrappen.
Ik denk even terug aan een paar van haar boektitels: "Het zit op de bank en het zapt" en "Alles went behalve een vent". Verder nog een aantal titels die blijk geven van haar relationele frustraties. O, ze schrijft niet geheel zonder humor, hoor. Ik heb wel eens iets van haar geleend uit de bibliotheek.

Daardoor kan ik ook beter plaatsen dat ze ambassadeur is van "Varkens in nood".
Ik wil elke schijn vermijden dat ik dierenleed wil goedpraten of zelfs maar wegwuiven, maar ik heb, half op boerderijen opgegroeid, al eens meer van die stadse madammekes gezien, die elke goedwillende, ervaren veehouder wel eens even de les zullen lezen hoe hij met zijn dieren moet omgaan.

Die stadse vrouwtjes behoren tot de categorie die op het platteland vakantie gaat houden.
Verse melk aangeboden krijgt, direct van de koe, maar daar raken ze van in paniek: ze willen melk van de supermarkt!
En vooral voortdurend klagen waarom die boerderijen nou zo moeten stinken...

Yvonne Kroonenberg vindt de door haar beschreven bevolkingsgroepen "zo primitief, dat ze niet eens een gewone zin kunnen uitspreken." Ze voegde er aan toe: "Ik probeerde die mensen te begrijpen, op dezelfde manier als dat ik me probeer te verdiepen in het geestelijk leven van dieren." Daar slaagt ze blijkbaar beter in, gezien de intieme conversatie op onderstaande foto:

dinsdag 8 april 2014

Niklas - 140408 - CrimeFighters

Bij herhaling in dit theater het stunt(el)ende duo Ivo en Fred,
de dossiersnuivers; zie ook hier en hier:

zaterdag 5 april 2014

Rondje bloesem, toeters, en Relus

Gistermorgen heb ik Marijke op de trein gezet naar haar dochter om op te passen en samen te shoppen. Dat bracht me op het idee om eerst maar eens te kijken of een oude herinnering van me nog klopte: de krentenbloesem bij Dwingeloo.
Toen de trein wegreed, zag ik nog net dat het treinstel genoemd was naar Relus ter Beek, commissaris der Koningin in Drenthe en wielerliefhebber, die de start van de Vuelta naar Drenthe haalde.

Ooit, in mijn topjaren, ben ik in het begin van het fietsseizoen eens naar Dwingeloo gepeddeld, omdat collega's zo lyrisch waren over dat fenomeen, de krentenbloesem. Maar ja, de omgeving van Dwingeloo is ruim bemeten, en waar vind je de mooiste plek?
Het was op een zondag, tegen de middag, dat ik in Dwingeloo arriveerde. Onderweg had ik al de nodige plukken gezien, maar nog niet "die zee van bloemenpracht" die mij was beloofd.
Ik had ook wel weer even trek in een kop koffie en iets eetbaars, dus in een horecagelegenheid werd dat verholpen, en werd me een plek geadviseerd door een andere klant. Dit was blijkbaar een klant die goed was voor de omzet, want op dit tijdstip sprak hij al met gehandicapte tong.
Maar zijn advies bleek niet slecht: (wijst) "Je moet die straat in en steeds doorrijden tot bij het witte huis, en het weggetje daartegenover moet je hebben."

Ik reed nu naar hetzelfde weggetje. Nu parkeerde ik vooraan en liep verder langs de zandweg en het fietspad. Op de plek waaraan ik de herinnering had dat het daar leek op "een kathedraal van krentenbloesem", was de mooiste periode al voorbij, maar er was nog genoeg moois om een flink aantal foto's te maken, ondanks het wat sombere weer.


Teruglopend zag ik aan het eind het "witte huis", dat als herkenningspunt diende.


In een weiland naast het pad liepen twee pony's, die leken te zeggen: "Give me a hug"...


...en: "Zullen we samen uit eten gaan?"


Ik kwam ook langs de vroegere havezathe Oldengaerde, waar een magnolia weelderig in bloei stond. Er werd blijkbaar net een gezelschap verwelkomd en toegesproken; het geheel vond ik goed genoeg voor een panoramafoto.


Ik zwierf wat rond. Drenthe is mooi, als je de grotere wegen mijdt, die geschikt zijn om snel van A naar B te reizen. Zo zijn er veel rustieke weggetjes en zie je momenteel op veel plekken bloesem langs bosranden.


Boerderijen vind ik vaak een prettige sfeer uitstralen. Soms staan ze ergens solo tussen de landerijen. Hier liepen de koeien weer in de wei. Nou ja, liepen...


Bij het naderen van Havelte kwam ik uit bij een kerk, die oud en bijzonder aandoet. Een bordje met informatie flitst langs de auto en ik pak de naastliggende parkeerplaats.


Dat bord ging over een historisch "domineespaadje", maar ik heb nu alleen nog oog voor een infopaneel over het Chamadron.


Dat is een muziekinstrument, uniek in de wereld, aanwezig in de kerktoren van Havelte. Het doet denken aan koperen trompetten die worden bespeeld als een soort orgel. Die trompetten steken tijdens het spelen uit de galmgaten van de toren.
Voor mij is het bijzondere, naast dat ik verzot ben op exotische muziekinstrumenten, dat dit instrument is uitgevonden en mogelijk gemaakt door Cees Roubos, die ik nooit heb ontmoet...

Wie ik wel heb ontmoet is zijn vader. Ik had in augustus 1980, vanaf mijn werkplek uitzicht op het gebouw van de BGD, de Bedrijfsgeneeskundige Dienst. Op een maandag zag ik, dat er iemand met een ambulance werd weggebracht, met toeters en bellen.
De woensdag daarop kwam ik vanwege een "spontane pneumothorax" (klaplong) naast hem in het ziekenhuis terecht.
Hij had een hartaanval gehad, maar moest zo snel mogelijk weer gaan bewegen. 's Avonds haalde hij koffie voor me uit de recreatieruimte, hij moest zelf minderen.
Ik ben toen gestopt met roken: van een pakje shag in 2 dagen naar nul.
Cees' vader vertelde vol trots over het Chamadron, dat toen nog in ontwikkeling was.

Dat deze Clemenskerk oud is, valt af te leiden uit de tekst op een zandstenen latei boven de kerkdeur. De kerk is ouder dan de toren, waarin deze deur zich bevindt:
int iar ons Heren MCCCC en X doelag Iohan Willems soen desen steen
Ofwel: In het jaar onzes Heren 1410 legde Johan Willemszoon deze steen.


Het werd tijd om maar weer eens naar huis te gaan. Ik wou de grotere wegen vermijden, en kwam zodoende in de buurt van Witteveen. Daar is een natuurbegraafplaats, waar een van de directeuren begraven is van het bedrijf waar ik 34 jaar gewerkt heb. Dat is voor mij actueel, want er wordt gewerkt aan een reünie van het personeel.
Het bedrijf als zodanig bestaat niet meer; in de jaren 80 werd het familiebedrijf overgenomen door Ericsson, en er is nu nog een kleine ontwikkelingsgroep van over, nu onderdeel van een Amerikaans bedrijf.

Op datzelfde kerkhof, niet ver van onze directeur, ligt Relus ter Beek begraven. Het Drentse deel van het parcours van de Vuelta liep over de smalle klinkerweg langs dit kerkhof.


Op YouTube vond ik nog deze interessante video over Havelte en het Chamadron

donderdag 27 maart 2014

Niklas - 140327 - Logica: zo helder als koffiedik?


Als je hier de logica op loslaat, dan is de conclusie niet zo ingewikkeld:
ALS WAAR is wat Opstelten zegt,
EN WAAR is wat Vrakking zegt,
DAN is WAAR wat NIET in het dossier staat...

maandag 24 maart 2014

Het kerkhof en de fundamenten van de kerk van Wahn

Op zaterdag 16 juni 2012 publiceerde ik een blog onder de titel: Intrigerend Wahn.
Op een van mijn fietstochten had ik langs de weg, een eindweegs Duitsland in, een gedenksteen 'ontdekt', die verwees naar dit verdwenen dorp. Er was in die omgeving vanaf ca. 1877 een enorm schietterrein, om de kanonnen van Krupp te testen, zoals de "dikke Bertha".
De bevolking is in 1941, in opdracht van Hitler, gedwongen verhuisd, en het dorp is afgebroken om meer ruimte te maken voor een militair schietterrein, en dat is er nu nog. Al die informatie ontdekte ik pas thuis, op internet: ik had alleen de gedenksteen gezien, met de plaquette.


Gisteren wouden we er even uit, maar waarheen? Ik zocht op de kaart naar een wandelplek, en mijn blik bleef plakken aan "de overkant". Van de grens dus. Vandaar dwaalde ik af naar Wahn.
Ik prentte een route in mijn geheugen, zo min mogelijk langs de Autobahn, want dat is niet leuk.
Omdat er borden stonden over problemen met doorgaand verkeer in Emmer Compascuüm, reden we via de N391 richting Ter Apel, en bij Barnflair de grens over richting Haren, tot een geschikte afslag noordwaarts. Daarna moest ik zien een bord te vinden richting Lathen, en dan richting Sögel.
Ik ben misschien een afslag eerder noordwaarts gegaan dan de oorspronkelijke bedoeling, maar de omgeving is mooi en voor mij bekend genoeg van mijn fietstochten, om her en der herkenningspunten te vinden.

Nu vond ik bijvoorbeeld wel (bij B op de routemap) de gedenksteen en het informatiepaneel terug van Kamp Oberlangen, het zesde kamp van de beruchte Emslandlager. Dat was ook het punt waar we afsloegen naar het oosten; dat heet nog steeds de Lagerstrasze.

We kwamen Lathen binnen op een plek die ik vaker had gezien, maar het was niet de rechtstreekse route naar Sögel. Zo kwamen we onverwachts uit bij het terrein van de Transrapid (C), de magneetzweeftrein waarmee in 2006 een fors ongeluk is gebeurd doordat zich een conventioneel aangedreven dienstwagen op het traject bevond tijdens een proefrit met de demonstratietrein. Een "menselijke fout", omdat er geen automatische beveiliging was bij dit high-tech project...
Ik dacht dat het project helemaal gestopt was, maar nieuwe info leert dat dat tijdelijk was, en dat de "Teststrecke" dus ook niet afgebroken is.


Dan toch, via een klein stukje Autobahn, richting Sögel. Ongeveer halfweg tussen Lathen en Sögel ligt ons doel (D), hier was vroeger het dorp Wahn. Waarom blijft dit gedeporteerde en gesloopte Duitse dorp zo aan me kleven? Ik denk dat het, behalve deze tragedie, de naam is, die een goede samenvatting is van de bron van veel ellende.

Met het oude blog in gedachten, hebben we de fundamenten van de kerk van Wahn opgezocht.
Er bleken relatief veel mensen die plek te bezoeken en er wandelingen te maken in de bossen. Informatie omtrent het verdwenen dorp en de gesloopte kerk was goed verzorgd. Enkele foto´s gaven de oorspronkelijke situatiedetails weer. Er is in de schuilhut een maquette van het dorp, maar de foto's die ik daarvan maakte zijn mislukt: door de kleikleurige materiaalkeuze is er nauwelijks iets te onderscheiden.


Bij de fundamenten van de kerk zag ik een oude dame, ondersteund door een echtpaar waarvan er één waarschijnlijk haar kind was. Later waren ze ook op de oude begraafplaats aan de overkant van de doorgaande weg. Langs de laan naast de kerk zouden nog dezelfde kastanjebomen staan die er stonden ten tijde van de sloop van het dorp.


Ik vind het een heel onwerkelijke ervaring om, zelfs aan de hand van strategisch geplaatste informatiepanelen met foto's, in deze ruïne een beeld van een volle kerk terug te vinden.


Deze foto's geven een indruk van waar het "podium" van de kerk is geweest. Links staat een bordje, dat in deze ronde nis het doopvont heeft gestaan. In het midden was het hoofdaltaar.


Na de kastanjelaan is er een voetpad van de kerkruïne naar dat kerkhof aan de overkant. Het ligt wat verder van de straat, achter het monument waardoor ik destijds ontdekte dat hier het dorp Wahn geweest was.
Slechts weinig mensen staken de straat over. Dat is wel uitkijken, want er is redelijk veel verkeer en de toegestane snelheid is 100 km/uur...

Een paneeltje bij de ingang geeft precies aan hoeveel kinderen, vrouwen en mannen er tussen 1914 en 1942 begraven zijn.


De begraafplaats heeft aan de voorzijde een muur. Bezoekers wordt verzocht het hek te sluiten.
Rondom is bos, behalve aan de achterkant. Daar is een rij (nu nog kale) loofbomen die de begrenzing vormen van akkerland.
Tegen deze bomenrij valt het metershoge beeld van Jezus aan het kruis nauwelijks op.


Mij valt op, dat veel zerken hier schuin in de grond gezet zijn. Sommige graven zijn overwoekerd door mos, maar toch lijkt er een zekere mate van onderhoud plaats te vinden, en sommige graven zijn recent van nieuwe bloemen en grafkaarsen voorzien, terwijl het kerkhof in 1942 buiten gebruik is geraakt. De kindergraven lijken gegroepeerd te zijn vooraan in een hoek van het kerkhof.
De tekst op een zerk uit 1940: "Hier ruht in unserer alte heimaterde Wahn..." doet mij vermoeden dat de sloop van het dorp een diep trauma heeft veroorzaakt, het plan zal zijn schaduw vooruitgeworpen hebben.


Als we teruglopen naar de overkant van de straat begint het zacht te regenen. Marijke loopt vooruit, ik maak nog gauw een foto van het bord dat de meedeelt dat de herdenkingsplaatsen vooral militair gebied zijn, dat op eigen risico wordt betreden.


Net links van de vorige foto, staat een foto van een deel van het dorp, met op de voorgrond de "Bauernhof" die daar gestaan heeft.


Als ik in de auto stap, gaat de heel lichte regen over in hagel. We gaan naar huis om misschien nog even een staartje van de wereldkampioenschappen alroundschaatsen mee te pakken.
Dan zie ik dat ik vergeten heb het grote heiligenbeeld te fotograferen. Marijke doet dat voor mij uit het open raam. De lichte vlekken zijn het resultaat van de weerkaatsing van de flitser tegen hagelkorrels en regendruppels.


We nemen een andere route terug, en die voert ons langs de de afslag Hilter (E), wat, net als ik de eerste keer, door Marijke fout gelezen wordt. Hier is een flink steile helling, die me aangeraden werd als klimoefening bij het fietsen. Toch ruim 30 km van huis, maar dat was geen probleem.
En ik intussen maar denken aan Robert Marchand, die op 102-jarige leeftijd zijn wielren-records nog maar weer eens heeft verbeterd...

Daarna rijden we een eind dicht langs de Ems, een mooi landelijk gebied. We moeten wel de ruitenwissers aan... Via Haren (DE) gaan we dan weer naar huis. We zien daar in het voorbijrijden nog een imposante kerk (bij F), en vragen ons af waarom we die nooit eerder gezien lijken te hebben.

Weer thuis, is de 10 km heren van het WK-Allround halverwege de tweede rit. Ik installeer me op de bank (autorijden lijkt soms vermoeiender dan fietsen), en schrik net op tijd wakker om Koen over de streep te zien wankelen. Als Wereldkampioen...!